Onze peuter een derde ochtend naar de peuterspeelzaal
Mama &zo

Onze peuter een derde ochtend naar de peuterspeelzaal?

De peuterspeelzaal verhuist.

James zit nu dik twee maanden op de peuterspeelzaal. Hij vindt het geweldig om naar ‘school’ te gaan. De eerste paar bezoeken was het afscheid moeilijk maar inmiddels staat hij ons uit te zwaaien: ‘Doei mam!’.

Het ziek zijn heeft er ingehakt. Hij begon net wat meer contact te leggen met de andere kinderen. James moet nu weer van vooraf aan beginnen en daar helpt de herfstvakantie ook niet echt bij.

De peuterspeelzaal waar James nu op zit gaat verhuizen. Dit gaat in het nieuwe jaar plaats vinden. We hebben even getwijfeld of we hier beter op konden wachten maar ik vond het belangrijker dat James ging wennen aan kinderen in zijn omgeving. De verhuizing is voor ons eigenlijk alleen maar positief. James gaat naar een gebouw bij ons op de hoek van de straat waar hij later hopelijk ook naar school kan gaan.

Een kinderdagverblijf was nooit aan de orde.

Een andere ruimte lijkt me geen probleem. De kinderen blijven ongeveer hetzelfde en James krijgt een vaste juffrouw die hij nu ook al ziet. We merken dat James nu met sprongen voorruit gaat en dan heb ik het voornamelijk over zijn taalontwikkeling. Het schijnt dat peuters 10 nieuwe woorden per dag leren. Dit is bij James soms het dubbelen.

Ik merk dat hij het geweldig vind om naar school te gaan en daar de uitdaging vindt die hij thuis af en toe mist. Een kinderdagverblijf is voor ons nooit een optie geweest. De kosten spelen een rol maar daarnaast was ik nooit nodig. Ik ben fulltime thuis op twee middagen vrijwilligerswerk na wat Lisa kan opvangen dus dan is de keuze snel gemaakt.

We overwegen een derde ochtend naar de peuterspeelzaal.

Als we kijken naar James en het plezier wat hij eruit haalt om naar school te gaan overwegen we een derde ochtend of middag naar de peuterspeelzaal. Het zal eerder een ochtend worden omdat hij in de middag nog slaapt en dat ook nog echt nodig heeft.

Het is natuurlijk per kind verschillend maar ik merk dat James, als enigs kind, het extra leuk vindt om kinderen om zichten te hebben waar hij van kan leren een mee kan spelen. Echt samenspelen is nog niet van toepassing maar de peuters onderling zoeken elkaar wel vaak op wat te brabbelen.

Als je ouders ken je jouw kind het beste!

Er zijn ook nadelen. Ieder kind kletst op zijn eigen manier. Als ouders weet je vaak precies wat je kind bedoelt of zegt. James heeft ook een aantal woorden die wij als ouders goed begrijpen maar de juffrouw op de peuterspeelzaal, snapt hier geen dan geen snars van. Begrijpelijk maar voor mijn als moeder wel moeilijk.

Laatst wilde James graag een doos met bosspullen meenemen naar school. Hij liet vol trots zien wat hij had gevonden in het bos. Hij vertelde hele verhalen tegen de juffrouw. Ik stond erbij en vertaalde af en toe een woord. Dit liet me beseffen dat het anders was geweest als ik er niet bij stond.

‘Sam oma bos’ zei James. De juffrouw heeft geen flauw benul dat er een Sam in de familie zit en dus dacht zei dat hij samen met oma naar het bos is geweest. Ik kan me voorstellen dat het soms best frustrerend is voor een peuter.

In het nieuwe jaar gaan we kijken naar de mogelijkheden. De dagen moeten ook niet overvol worden gepland. James gaat momenteel twee ochtenden naar school en iedere zaterdag naar de gym. Het verloopt nu prima. Ik ben benieuwd of hij een derde ochtend naar de peuterspeelzaal net zo leuk vindt als wij nu denken.

(Visited 120 times, 1 visits today)

Vorig artikel Volgend artikel

You Might Also Like

2 Reacties

  • Reageer gre Luttik 25 oktober 2017 om 14:16

    Die Lonneke, kinderen spreken vaker een andere taal. En je moet het niet gaan vertalen, hoor!
    Mijn jongste zoon sprak een totaal andere taal! Goed dat hij een ouder broer had die kon vertalen! Goed? Nee, hartstikke fout. Ik noemde het de elfentaal naar de boeken van Tolkien.
    Je weet wel, In de Ban van de Ring enz. Maar als jij gaat vertalen weet ik uit ervaring, dan blijft dat zo. Want kinderen, mensen, kiezen de gemakkelijkste weg. Gauw stoppen dus. Ik kwam er een Bertje last achter op de volgende manier.
    ” wat wil je op je boterham?” Als antwoord zei hij een mij niet bekend woord. Zijn broertje was er niet om te tolken en dus pakte ik de pindakaas. En wat dacht je? ” ik wil geen pindakaas maar hagelslag op mijn brood!” Voluit en zonder foutjes! Een keurige zin! Ik keek hem aan en strooide over de pindakaas de hagelslag. Hij lachen! Ik lachen! En vanaf dat moment sprak hij gewoon hele volzinnen incl de nn-tjes aan het eind van een woord. Hij is nu klinisch neuro psycholoog. Leuk he? Dus niet vertalen. Verbeteren mag wel!

  • Reageer gre Luttik 25 oktober 2017 om 14:18

    He, foutje in bovenstaand stukje, komt door die vervelen correctie van die iPad. Bertje last is natuurlijk: beetje laat!

  • Schrijf een reactie